1. Wat is er veranderd?
De stap die het zwaarst weegt
Soms slaat het besef mij als een natte dweil in het gezicht. Ik parkeer de lease auto voor het servicebureau van een middelbare school. De directeur is mij net voor en rijdt zijn witte Volvo vooruit in een parkeervak. Een typische aanblik, doch in persoon een prettige man. Ook het kantoor is een prettige, het ziet er allemaal netjes uit en de sfeer op de werkvloer is gemoedelijk. Geen haat en nijd, waar je alleen maar kan winnen ten kosten van een ander. Althans, dat idee heb ik niet.
Ik verstuur nog wat appjes voordat ik uitstap. Deze week heb ik m’n tactische rugzak bij me, want die is net wat handzamer dan mijn gebruikelijke aktetas met twee compartimenten, één voor de laptop en één voor papieren. Ik moet namelijk de hele mikmak van een werkplek mee, en dan nog lunch, mijn waterfles en wat fruit. Ze zeggen fashion before comfort, maar daar moet je bij mij niet komen aanzetten. Daarvoor ben ik veel te praktisch ingesteld. Design follows function zeg ik dan, maar wel met stijl.
Hoewel het kantoor geen school is, doet het loopje van de auto naar de entree mij denken aan vroeger. Wat is er nu precies veranderd dan? vraag ik mijzelf af met een bepakte rugzak om. In plaats van schoolboeken zit er een werklaptop, toetsenbord en een tweede beeldscherm in. Verder is mijn outfit ook volwassen geworden, deftige schoenen, een pantalon met krijtstrepen en in plaats van een fiets een leasebak.
Maar ook nu ‘beginnen’ we weer om half negen. En vandaag controleer ik het verzuim van leerlingen, met name de ongeoorloofde afwezigheid waarbij de onderbouwing ontbreek. Want ja, als de leerling onterecht niet komt opdagen, dan kan het niet zo zijn dat de school wel gewoon geld krijgt van de Staat. Alleen een inschrijving is niet voldoende, daarom moet een poppetje zoals ik onder meer vragen stellen op kantoor en de administratie induiken als onafhankelijke partij.
Wat een absurdistisch experiment!
Controleer ik nu mijn eigen absentie van vroegah? Wat haatte ik school, en een verspilling van tijd. Ik had mijn focus en energie beter kunnen spenderen aan het bestuderen van de materie, en niet aan het leren van huiswerk en maken van opdrachten en het halen van deadlines, of voor de bel binnen zijn met een half uur als middagpauze. Het is bedrog en gestolen tijd. Voordat de lessen daadwerkelijk waren begonnen, had ik het scheikundeboek al uitgelezen, en dan moest ik het schooljaar nog uitzitten. Het onderwijs als institutie heeft als primaire doelstelling niet om kinderen te onderwijzen, maar om de kandidaat-burger te conditioneren voor een samenleving die gehoorzame consumenten en werknemers nodig heeft. De economie moet groeien en de machine moet blijven draaien. Dit komt duidelijk naar voren wanneer je kritisch kijkt, voor jezelf denkt en vragen blijft stellen, ongeacht de hoeveelheid strafwerk die je krijgt voorgeschoteld. Dan wordt duidelijk dat scholen allereest verwarring zaaien door willekeurige, onsamenhangende informatie te verschaffen zonder diepgaand verband, waarbij het draait om oppervlakkige en fragmentarische kennis. Door het hiërarchische systeem, VMBO, HAVO, VWO, cijfers en ranglijsten, worden kinderen hun plaats in de samenleving kenbaar gemaakt, die ze al dan niet hebben te accepteren. Waardering en het zelfbeeld hangen af van externe beoordeling, niet door innerlijk groei. We doen het allemaal voor dat mooie stickertje, onder het mom van positieve bekrachtiging. Mijn grootste probleem was de onverschilligheid die wordt aangeleerd. Niets is echt belangrijk, alles is tijdelijk en wordt afgewisseld door de schoolbel en vakkenwisselingen. Alles wordt onderbroken, de diepgang en de interesse, waardoor je gefixeerd raakt op de bel en einde van de les. Ieder uur weer.
En zo produceert het schoolsysteem emotionele en intellectuele afhankelijke drones. Leerlingen worden afhankelijk gemaakt van goedkeuring van leraren en autoriteiten, waarbij ze leren dat ze zelf niet kunnen denken en dat antwoorden alleen van autoriteiten komen.
Deze constatering is overigens niet nieuw. Albert Einstein stelde in zijn tijd al dat ,,Iedereen een geboren genie is. Maar als je een vis beoordeelt op de vaardigheid om een boom te beklimmen, dan zal het zijn hele leven geloven dat het dom is.’’ Het systeem is ontworpen om creativiteit, nieuwsgierigheid en zelfstandigheid te onderdrukken, waarbij eenheidsworst het devies is.
Twintig jaar later sta ik met een gebogen rug over het bureau mee te kijken op een beeldscherm, of de leerlingenadministratie wel klopt en wat er allemaal in die specifieke dossiers hangen waar vragen over komen.
Waar bemoei ik mij mee. Ik was ook altijd te laat, terwijl ik op maximaal 15 minuten fietsen van school woonde. Wat een lachertje. Al die klasgenootjes uit omringende dorpen moesten zeker wel drie kwartier fietsen, door wind en weer. Dan ben je gewoon met het avondeten pas thuis. Wat een leven. Maar goed, die families gaan niet op in de chaos van de stad. Je verdwaalt er gemakkelijk en voor je het weet dicteren de omstandigheden van alle hectiek je weg. Er is teveel gebeurd, te veel geschiedenis. Die guys van buiten de stad zijn goed terecht gekomen. Sommige een beetje doorgedraaid, maar wat kan ik van mezelf zeggen, dat ik dat niet ben? Nee, we zijn allemaal goed op onze pootjes terecht gekomen. Her en der wat kleerscheuren, die een meer dan de ander, maar we zijn er. Ieder huis heeft zijn kruis. Het is onnodig om naar anderen te kijken met jaloezie, nijd of afgunst. Waar haal je de tijd en energie ook vandaan? Ik heb een boek te schrijven, een huis op te knappen en wil ook nog steeds mijn studie halen. En dan hebben we het nog niet eens over het dagelijkse werk zelf, waarbij ik een aantal collega’s wil kantelen als de kamer weer te klein wordt. Gelukkig zijn er meerdere kantoren, met de zogenaamde flexplekken. Je moet ergens je draai en plekje kunnen vinden.
En passant vraagt Lisa wat wij zullen doen met onze vakantie. Ik zal haar introduceren. Ze is mijn lief, we zijn bijna een jaar verloofd en ze heeft het altijd over vakantie. Waar is het mis gegaan denk ik dan. Volgens mij heb ik haar teveel verwend toen we elkaar net leerde kennen, en dat heeft natuurlijk de toon gezet. Maar ik mag niet klagen, want ze brengt mij meer geluk dan ik aankan. En ik hou zoveel van haar dat het pijn doet. Nu begrijp ik wat het betekend om je droomvrouw te ontmoeten, en weg te knuffelen tot in oneindigheid. Anyhoo... Ik vroeg haar ten huwelijk nadat ik om haar hand had gevraagd bij haar ouders, en na al de ontroering en vlinders vlogen we niet veel later naar Sevilla, Spanje. Wat een stad is dat zeg. Een must see voor de cultuursnuiver. [aanvullen over Sevilla] Ik had in ieder nog geval geen antwoord op haar vraag, dus ze liet het onderwerp rusten en keek verder naar haar serie. Omdat de keuken niet al te ver van de woonkamer was, haalde ik wat koffie. Straks toch maar even al die rommel, vaat en meurende pizzadozen opruimen.
Lange tijd heb ik op talent geteerd. Te lang als je het mij vraagt. Maar dat komt puur omdat ik mij nooit bewust was van mijn talent. Ik wist het gewoon niet. Zo zonde. Het heeft een half leven geduurd om te leren leven. Best gek om er op zo’n manier over na te denken. Van de week spotte ik een bureaukalender dat op een ietwat schreeuwerige manier stelde dat talent bepaalt wat je kan bereiken, maar dat je inzet zal bepalen of je het gaat bereiken. Een zeer treffende verwoording moet ik zeggen. Ik kon er in ieder geval niet op haten, want ik werd gelijk fan. ’s Ochtends beginnen met een goed bericht om de vibe erin te houden, kan geen kwaad. Hoe gaat die bekende quote nog maar? Hard work beats talent, if talent doesn’t work hard. Talent alleen kan je ver brengen, ja. Maar als je niet hard werkt, blijf je een mietje met een auto van de zaak en een verloofde die je blijft naggen over vakantie, terwijl je de druk voelt van beperkte verlof dagen en een budget waar je je aan wilt houden. Ik wil niet mager worden.
In de tussentijd was er een barst verschenen in het voorruit. De nachten waren winters. Dagelijks moest ik op pad voor controlewerkzaamheden bij diverse klanten. Voorruitverwarming biedt dan een uitkomst, maar ook nog de ventilatie er maximaal op laten blazen blijkt desastreus. Ik schoot HR aan met de vraag of ik bij iedere willekeurige garage een afspraak kon maken. Niet veel later kreeg ik via Intern een groene kaart met het bericht: ,,Dit loop via de verzekering. Kan je het zelf even regelen?’’ Godver, moet ik jullie werk ook nog doen. Het kan toch niet zo zijn dat ik jullie werk ook moet doen, terwijl jullie de hele dag uit jullie neus aan het vreten zijn. Enfin, ik belde een garage voor het maken van een afspraak.
‘Je kan de komende woensdag de auto langsbrengen,’ zei de monteur aan de lijn, ‘doe maar om half elf, dan pakken we het gelijk op na de koffiepauze. En wij hebben hier een stilteruimte waar je aan het werk kan. De koffie is beter dan okay, niet uitmuntend, maar wel beter dan okay... Okay?’
OK? dacht ik. Bel ik nou met Gamma of met de garage. ‘Perfect,’ zei ik, ‘komende woensdag zal ik stipt om half 11 verschijnen. Een koffiepauze is van vitaal belang voor de werkende burger. Het is natuurlijk niet te bedoeling dat een mens in de loop van de ochtend al overspannen raakt en dan nog een voorruit moet vervangen. Dat wens ik zelfs mijn grootste vijand niet toe.’ Ik hing op en reed langzaam richting de garage. De kalender gaf maandag aan. Woensdag om half elf was nog ver weg, dus ik had nog een lange weg te gaan.
Eenmaal binnen bij de garage zag ik niemand koffie drinken. ‘Dag meneer, een Ford Fiesta’, zei een man met de aura van een filiaalmanager, ‘Ik zie dat u een tas bij u heeft. Daar hebben we een stilte ruimte met alle voorzieningen, wi-fi en stroom.’ Wat volgde was een standaard praatje waardoor ik die vent vol ongeloof zou aankijken, zo van ben je serieus!? Je kan commercieel ingesteld zijn, maar bij mij hoeft je echt niet over de top te gaan. Ik ben al binnen, de factuur is al betaald, je moet jezelf alleen nog niet rijk rekenen, maar wat wil je mij nog meer verkopen? De man herpakte zich: ‘Kijk meneer, aan deze kant staat de koffiemachine. Koffie, thee, espresso of warme chocolademelk? We hebben het allemaal.’ Nu was ik in de war. Stelde hij nou een vraag? Of hoorde dat gewoon bij het riedeltje. In de verwarring besloot ik om niets te zeggen. De man was van zijn apropos gebracht. Zijn blik vol hoop was veranderd in twijfel. ‘Koffie, thee, espresso of warme chocomelk’, maar nu minder enthousiast. ‘We hebben het allemaal. Zegt u het maar, wat wilt u hebben? En als u straks meer wilt, dan staat het u uiteraard vrij om te pakken. Dat kunt u dan zelf doen. Mocht u van de koffie af willen, dan is aan deze kant het toilet.’ Deze guy was nu al een legend. Hoe kan je op zo’n vriendelijk manier zeggen, dat je daar kan schijten. Wat een woordkunstenaar.
‘Eén kopje koffie, gewoon zwart,’ antwoordde ik. De autosleutel plaatste ik op de balie bij de monteur, waarna ik mij spoedde naar de stilteruimte om de laptop open te klappen. De minuten zijn schaars tegenwoorden, en een weg naar vrijheid schrijven is wat ik tegenwoordig doe. Dus ieder moment dat ik vrij weet te maken, kruip ik achter de laptop. Dit boek zal hoe dan ook het daglicht zien.

